Verliefd
Van bij de eerste aanblik verloor ik mijn hart aan
je.
Dit had ik nog nooit meegemaakt.
Ons eerste afspraakje aan het station… Ik kwam
met de trein. Ik stapte af en je was bij me. Of was
het ik die naar je toekwam?
Om het even, we waren bij elkaar.
Vanaf dat allereerste moment liet je me niet meer
los.
Je verraste me met al je kennis. Zoveel wijsheid.
Je vertederde me met je levensverhaal.
Ik hou van de manier waarop je jouw boeiende
verleden vertelt, telkens opnieuw:
in een park of langs het water,
waar het ’s zomers heerlijk toeven is in de late
avondzon, met je herinneringen die je als torens
trots draagt.
Elke dag opnieuw ontdek ik een ongekend pareltje in
jou.
Jouw kloppend hart heeft me veroverd.
Ik hou ervan hoe je de mensen amuseert, hoe je hen
iets bijleert,
hoe je de drukte en al dat volk de baas kan.
En ’s nachts maak je me helemaal gek.
Wanneer de zon gaat slapen, dan ben jij nog lang
niet moe.
Omhuld door gedempt licht, beloof je me dat de nacht
nog lang kan worden.
Een avondje stappen of een intiem moment: alleen jij
en ik…
Nu zijn we samen. Straks niet meer.
De gedachte om van jou gescheiden te leven, stemt me
droevig.
Je was er steeds voor mij en je ving me op wanneer
het wat moeilijker ging.
Ik zal je nooit vergeten.
Ooit, als ik aan jou zal terugdenken met weemoed die
mijn hart zal doen smelten,
kom ik terug. Ja, ooit kom ik terug.
Wie weet weer met de trein, wie weet voorgoed.
Gent, ik hou van jou.
|